You are here

Gevaarlijke stoffen

Gevaarlijke stoffen — vloeistoffen, gassen of vaste stoffen die een risico vormen voor de gezondheid of veiligheid van werknemers — komen op vrijwel alle werkplekken voor. In heel Europa komen miljoenen werknemers in aanraking met chemische en biologische agentia die schadelijk kunnen zijn.

In 2015 meldde niet minder dan 17% van de werknemers in de EU dat ze gedurende ten minste een kwart van hun werktijd aan chemische producten of stoffen werden blootgesteld, een aandeel dat al sinds 2000 bijna hetzelfde is, en gaf 15% aan op het werk rook, gassen, poeder of stof in te ademen.

Sommige zeer gevaarlijke stoffen — zoals asbest of polychloorbifenyl (PCB) — zijn tegenwoordig verboden of onderhevig aan strikte controle. Andere mogelijk schadelijke stoffen worden echter nog steeds veel gebruikt, en er is wetgeving om goed beheer van de bijbehorende risico’s te waarborgen.

De risico’s voor de gezondheid

De gezondheidsproblemen die veroorzaakt kunnen worden door het werken met gevaarlijke stoffen, variëren van lichte irritatie van ogen en huid tot ernstige effecten zoals geboorteafwijkingen en kanker. De effecten kunnen acuut zijn of op de lange termijn optreden, en sommige stoffen hebben een cumulatief effect. Enkele van de meest voorkomende gevaren zijn:

Bij sommige gevaarlijke stoffen zijn veiligheidsrisico’s aanwezig, zoals het risico van brand, ontploffing of verstikking. Bovendien zijn aan één stof gewoonlijk meerdere van dergelijke risico’s verbonden.

Biologische agentia

In veel sectoren is sprake van bacteriën, virussen, schimmels en parasieten. Deze zijn gewoonlijk onzichtbaar, waardoor mogelijk geen rekening wordt gehouden met de risico’s ervan.

Het risico op blootstelling aan schadelijke biologische agentia is groter in bepaalde sectoren: gezondheidszorg, landbouw, dierengeneeskunde, schoonmaak en onderhoud, afval- en afvalwaterbeheer, tuinonderhoud en laboratoriumwerk.

Meer weten:

Opkomende risico’s

Nieuwe technologieën, groeiende sectoren en veranderingen in de manier waarop werk wordt georganiseerd kunnen leiden tot een groter risico op schade als gevolg van biologische of chemische agentia. In de milieusector kunnen innovatieve technologieën bijvoorbeeld leiden tot risico’s waar geen goed zicht op is. Om nog een voorbeeld te geven, steeds meer werknemers worden blootgesteld aan gevaarlijke stoffen in dienstverlenende beroepen zoals thuiszorg en afvalbeheer, waar sprake is van uiteenlopende vormen van blootstelling maar weinig bewustzijn bestaat van de gevaren. Meer dan ooit is het van belang dat werkgevers en werknemers op de hoogte zijn van de potentiële risico’s en preventieve actie ondernemen.

Meer informatie over opkomende risico’s, duurzame banen en nanomaterialen.

Meer informatie met betrekking tot opkomende risico’s:

Preventieve maatregelen en beheer van gevaarlijke stoffen

De eerste stap bij het beschermen van werknemers tegen gevaarlijke stoffen is het uitvoeren van een risicobeoordeling. Vervolgens moeten er acties worden ondernomen om de risico’s zoveel mogelijk te voorkomen of te verminderen. Ten slotte moet de situatie regelmatig worden gecontroleerd en moet de doeltreffendheid van de genomen stappen worden beoordeeld.

Zowel de lidstaten als EU-OSHA hebben modellen ontwikkeld om kleine en middelgrote ondernemingen te helpen bij het uitvoeren van risicobeoordelingen. De e-tool over gevaarlijke stoffen biedt werkgevers ondersteuning en advies voor een doeltreffend beheer van gevaarlijke stoffen op de werkplek. Er is een database van praktische tools en richtsnoeren met praktische maatregelen voor werkplekken, zoals richtsnoeren over risicobeoordelingen en mogelijkheden voor het vervangen (of elimineren van het gebruik) van gevaarlijke stoffen, casestudy’s en uiteenlopende instrumenten.

Lees meer op de OSHwiki-pagina over risicobeheertools voor gevaarlijke stoffen

Werkgevers dienen ook rekening te houden met kwetsbare groepen, zoals werknemers die jong zijn, zwanger zijn, borstvoeding geven of op grond van de wet speciale bescherming genieten. Ook met andere groepen werknemers, zoals migrerende werknemers, ongeschoolde of onervaren werknemers, en contractanten, zoals schoonmakers, moet rekening worden gehouden, zodat op hun behoeften toegespitste preventiemaatregelen kunnen worden genomen.

Hiërarchie van preventie

De Europese wetgeving aangaande bescherming van werknemers kent een hiërarchie van maatregelen die werkgevers moeten nemen om de risico’s van gevaarlijke stoffen voor werknemers te beheersen.

  • Bovenaan in de hiërarchie van beheersmaatregelen staan eliminatie en vervanging. Elimineer waar mogelijk het gebruik van gevaarlijke stoffen door het procedé of product te wijzigen waarin het product wordt verwerkt.
  • Vervang, als eliminatie niet mogelijk is, de gevaarlijke stof door een ongevaarlijke of minder gevaarlijke stof.
  • Als elimineren of vervangen van een stof of procedé niet mogelijk is, kan blootstelling worden voorkomen of verminderd door technische en organisatorische oplossingen. Dit zijn bijvoorbeeld het beheersen van de uitstoot bij de bron (gesloten systeem of plaatselijke afvoerventilatie) of het verminderen van het aantal werknemers dat aan de gevaarlijke stof wordt blootgesteld en van de duur en intensiteit van de blootstelling.
  • Waar blootstelling niet met andere middelen naar behoren beheerst kan worden, zijn persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) volgens de wet de laatste mogelijkheid.

Meer informatie:

Goede communicatie

Ten behoeve van hun veiligheid moeten werknemers op de hoogte worden gehouden van:

  • de bevindingen van de risicobeoordelingen van hun werkgever;
  • de gevaren waaraan zij zijn blootgesteld en hoe zij gevaar lopen;
  • wat ze moeten doen om hun eigen veiligheid en die van anderen te waarborgen;
  • hoe ze kunnen controleren of en waarnemen dat er iets mis is;
  • aan wie ze problemen moeten melden;
  • de resultaten van toezicht op blootstelling of gezondheid;
  • preventieve maatregelen die moeten worden genomen in geval van onderhoudswerk;
  • eerste hulp en procedures bij noodgevallen.

Lees e-fact van EU-OSHA over gevaarlijke stoffen en succesvolle communicatie op de werkplek

Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling

Voor een aantal gevaarlijke stoffen hebben de EU en de lidstaten grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling (OEL’s) vastgesteld die in acht genomen moeten worden.
Ook in de Europese VGW-richtlijnen zijn bindende (dat wil zeggen strikt in acht te nemen) en indicatieve (dat wil zeggen na te streven) OEL’s voor gevaarlijke stoffen vastgelegd. OEL’s voor gevaarlijke stoffen bieden belangrijke informatie voor risicobeoordeling en -beheer. De meeste EU-lidstaten stellen hun eigen OEL’s vast, doorgaans met meer stoffen dan in de EU-richtlijnen zijn opgenomen. De OEL’s zijn echter vastgesteld voor slechts een beperkt aantal van de stoffen die momenteel op de werkplek gebruikt worden.

Kankerverwekkende stoffen

Veel gevaarlijke stoffen zijn ingedeeld als kankerverwekkende stoffen waaraan werknemers kunnen worden blootgesteld. Sommige daarvan worden door werkprocessen zelf gegenereerd.

In de EU gelden specifieke bepalingen ter bescherming van werknemers. Volgens de Richtlijn inzake carcinogenen moeten werkgevers de blootstelling aan carcinogene of mutagene agentia beoordelen en deze voorkomen of tot een minimum beperken. Naast het toepassen van de hiërarchie van preventiemaatregelen geldt het volgende:

  • de werkgever vervangt een carcinogeen of mutageen agens voor zover dat technisch uitvoerbaar is door een stof die of een mengsel of procedé dat niet of minder gevaarlijk is;
  • indien dit niet mogelijk is, zorgt de werkgever ervoor dat de productie en het gebruik plaatsvinden in een gesloten systeem, voor zover dat technisch uitvoerbaar is;
  • indien de toepassing van een gesloten systeem niet technisch uitvoerbaar is, zorgt de werkgever ervoor dat de blootstelling van werknemers wordt beperkt tot een zo laag mogelijk niveau als technisch uitvoerbaar is.

Ook moeten werkgevers:

  • gevarenzones afbakenen en adequate waarschuwings- en veiligheidssignalen gebruiken;
  • de werkprocessen zodanig opzetten dat het vrijkomen van stoffen tot een minimum wordt beperkt;
  • zorgen voor passende verwijdering aan de bron van de carcinogene of mutagene agentia, waarbij rekening wordt gehouden met het milieu;
  • geschikte bestaande meetmethoden gebruiken (in het bijzonder voor de vroegtijdige opsporing van abnormale blootstellingen ten gevolge van een onvoorzien voorval of een ongeval);
  • individuele beschermingsmaatregelen gebruiken indien collectieve beschermingsmaatregelen niet volstaan;
  • zorgen voor hygiënemaatregelen (regelmatig reinigen);
  • voorzieningen voor noodgevallen treffen;
  • hermetisch gesloten en duidelijk zichtbaar gekenmerkte recipiënten gebruiken voor het opslaan, hanteren, vervoeren en verwijderen van afvalstoffen.

Tevens moeten werkgevers voldoen aan specifieke informatievereisten voor werknemers en instanties, en een dossier aanleggen van blootgestelde werknemers, metingen en resultaten van gezondheidstoezicht.

OSHwiki-artikelen: Asbest, Inhaleerbaar kristallijn silicastof

Naar het gedeelte van de website over beroepskanker

Lees meer over de Routekaart voor kankerverwekkende stoffen

Wettelijke waarborgen

Iedereen die betrokken is bij het beheren van gevaarlijke stoffen op werkplekken moet op de hoogte zijn van het wetgevend kader met betrekking tot gevaarlijke stoffen in de EU.

VGW-wetgeving is gericht op het beschermen van werknemers tegen veiligheids- en gezondheidsrisico’s in het algemeen en tegen de risico’s van gevaarlijke stoffen op de werkplek (bijv. de Richtlijn inzake chemische agentia, de Richtlijn inzake carcinogenen en de richtlijnen betreffende grenswaarden). Op grond van deze wetgeving moeten werkgevers risicobeoordelingen uitvoeren van alle veiligheids- en gezondheidsrisico’s, waaronder de risico’s van gevaarlijke stoffen, en passende maatregelen vaststellen voor bescherming en preventie. Vind samenvattingen van de toepasselijke EU-wetgeving.

Het doel is ervoor te zorgen dat risico’s bij de bron worden aangepakt en collectieve maatregelen — dat wil zeggen maatregelen waarmee een groep van werknemers op een systematische manier wordt beschermd — de eerste prioriteit te geven.

Op grond van de REACH-wetgeving en de CLP-verordening zijn fabrikanten en leveranciers van chemische producten verplicht te voorzien in gestandaardiseerde veiligheidsetiketten, gevaarpictogrammen en veiligheidsinformatiebladen. Deze bevatten informatie over de eigenschappen van stoffen en de gevaren die ermee samenhangen, evenals richtsnoeren voor opslag, behandeling en risicopreventie. Op specifieke aspecten, zoals productie, levering, vervoer en etikettering, zijn andere verordeningen en richtsnoeren van toepassing, die vaak ook relevant zijn voor de werkplek.

EU-verordeningen inzake veiligheid en gezondheid op het werk zijn in de nationale wetgeving geïncorporeerd, maar daarnaast hebben de lidstaten het recht om in hun wetgeving aanvullende of strengere bepalingen voor de bescherming van werknemers op te nemen. Daarom is het van belang dat ondernemingen rekening houden met de specifieke wetgeving in elk relevant land.

Meer weten over: